Cabernet Sauvignon

Cabernet Sauvignon staat zo ongeveer overal in Europa aangeplant, als laatrijpend druivenras met veel weerstand gedijt de Cabernet Sauvignon zeer goed in warmere klimaten en levert hij in Frankrijk, Californië, Australië, Zuid Afrika, Chili, maar ook in Italië en Spanje, kwalitatief goede wijnen. Het is een van de bekendste en meest geteelde druiverassen voor rode wijn. In de Bordeaux-streek en vooral in de Médoc is het de belangrijkste druif, die zorgt voor de wereldberoemde rode wijnen die daar vandaan komen.

In de wijngaard
De Cabernet Sauvignon groeit zeer krachtig en kan op veel grondsoorten gedijen, behalve op heel vruchtbare bodems, waar de groei veel te sterk wordt. De CAbernet Sauvignon is een kleine doffe donkerblauwe druif met een dikke schil. Het sap is zeer aromatisch.
De druivenstok is goed bestand tegen wintervorst, alleen in het voorjaar kan schade ontstaan door nachtvorst.  De weerstand tegen ziekten is groot: De Cabernet Sauvignon is alleen vatbaar voor meeldauw en lamstelligheid. Het groeiseizoen is lang, zodat de wijngaarden moeten worden aangeplant op een iets warmere plaats. De opbrengst zijn over het algemeen laag en de oogsttijd valt middellaat, dus vanaf half oktober en later.

De Cabernet Sauvignon geeft over het algemeen zeer goede volle, tanninerijke wijnen, die vaak lang bewaard kunnen worden. Gedurende deze bewaartijd zullen deze wijnen zich ontwikkelen in de fles en zal het smaak patroon veranderen.
Cabernet Sauvignon staat bekend om zijn wijnen met kracht en diepe kleur, met veel tannines. Kan lang rijpen en dan een grote complexiteit bereiken.

Aroma’s
De smaak toont vaak cassisfruit en kersen, in combinatie met een aangename kruidigheid. Aroma’s van donkerrood fruit zoals zwarte bessen, rijpe pruimen, kruidig, kaneel, menthol, munt, eucalyptus, rabarber, bieten, zwarte olijven, drop en inkt. Vermengd met Merlot en Cabernet Franc worden de wijnen wat zachter en robuuster.

De wijnen bezitten over het algemeen veel kleur, terwijl ze in hun smaak behoorlijk veel fruit en de nodige tannines bieden. Bij overproductie of onvoldoende rijpheid maak het fruit plaats voor een onaangenaam vegetale toon die aan groene paprika doet denken.

Jonge Cabernet Sauvignon wijnen kunnen door de tannines wat stug overkomen. Daarom worden ze vaak geblend met ‘zachtere’ rassen zoals de merlot of de shiraz. Omgekeerd wordt cabernet sauvignon regelmatig gebruikt als aanvullende druif om de smaak van traditionele rassen in een bepaald gebied wat complexer te maken.